Regels - FIRST® LEGO® League

REGELS

Download de regels in PDF: TT Regels

BASIS PRINCIPES

BP1 – GRACIOUS PROFESSIONALISM®
  1. Jullie strijden tegen PROBLEMEN, maar behandelen MENSEN vriendelijk en respectvol. Dit geldt zowel voor leden van je eigen team als voor anderen.
  2. Coaches en ouders treden hierin als rolmodel op.
  3. Je bouwt voort op de ideeën van anderen, in plaats van deze te verwerpen of te verslaan.
  4. Als je meedoet aan de FLL met als belangrijkste doel ‘het winnen van een robotica wedstrijd’ ben je aan het verkeerde adres!
  5. De robotwedstrijd is ontwikkeld en ontworpen om:
    1. Plezier te maken met Techniek en Wetenschap en jullie zelfvertrouwen, kennis en vaardigheden te vergroten.
    2. Oefenen met het nemen van risico’s, innoveren en het werken in teamverband.
  6. Iedereen die betrokken is bij een (regio)finale doet dit op vrijwillige basis, inclusief de scheidsrechter (scheids). Scheidsrechters steken veel tijd in het leren van de missies en regels, maar het kan voorkomen dat zij beslissingen nemen waar jullie het niet mee eens zijn. 
  7. Voor iedere beslissing waarvan jullie denken dat zij jullie punten kosten, zal er waarschijnlijk een andere beslissing zijn waarbij jullie ten onrechte punten hebben gekregen. Dit geldt niet alleen voor jullie, maar voor alle deelnemende teams. Denk aan het totaalplaatje!
BP2 – INTERPRETATIE
  1. De tekst van de robotmissies moet, indien mogelijk, letterlijk geïnterpreteerd worden. Er wordt niets meer of minder bedoeld dan wat er staat.
  2. Het is toegestaan om een betwistbare, slimme strategie te gebruiken wanneer het letterlijk interpreteren van de tekst dit toestaat.
  3. Gebruik de gangbare betekenis van een woord wanneer het letterlijk nemen van de tekst leidt tot een onmogelijke of bizarre situatie.
  4. Wanneer een woord/omschrijving niet specifiek wordt toegelicht in de missietekst, gebruik dan de normale betekenis (uit een woordenboek bijvoorbeeld).
  5. Als een detail niet genoemd wordt, doet het er niet toe.
BP3 – VOORDEEL VAN DE TWIJFEL

Jullie krijgen het voordeel van de twijfel als de scheidsrechter (scheids) …

  1. Vindt dat een verkeerd gebouwd model of slecht opgezet/onderhouden veld van invloed is op de score.
  2. Denkt dat een zeer klein verschil in tijd of afstand van invloed is.
  3. Denkt dat een situatie op meerdere manieren geïnterpreteerd kan worden, bijvoorbeeld door verwarrende, tegenstrijdige of ontbrekende informatie.
  4. Geen overtuigende officiële tekst kan aanwijzen om een beslissing te onderbouwen

Jullie kunnen niet op het voordeel van de twijfel vertrouwen. Zorg dat jullie strategie werkt zonder deze regel.

BP4 – VARIATIE

De leveranciers, sponsoren en vrijwilligers doen er alles aan om te zorgen dat alle wedstrijdvelden perfect en identiek zijn, maar houd altijd rekening met imperfecties en afwijkingen. Enkele voorbeelden:

  1. Randen van de wedstrijdtafel.
  2. Verlichting.
  3. Tafeloppervlak en het wedstrijdveld.
  4. Veldopbouw.
BP5 – RANGORDE/AUTORITEIT
  1. In geval van een conflict tussen bronnen van informatie over de robotwedstrijd, geldt de volgende rangorde van de beschikbare informatie:
    1. Vraag & Antwoordpagina.
    2. Missie- en Veldopbouwdocumenten.
    3. Regels
    4. Beslissing van de (hoofd)scheidsrechter.
  2. Foto ’s en video’s worden niet gezien als regels en/of bewijsmateriaal, tenzij benoemd in de Vraag & Antwoordpagina, Missie- en Veldopbouwdocumenten of de Regels.
  3. E-mails en discussies op fora hebben geen autoriteit, ook niet wanneer deze van officiële bronnen afkomstig zijn.

DEFINITIES

D01 – AUTONOOM

Een gestarte (of herstarte) robot is autonoom, dat wil zeggen dat hij volledig zelfstandig acties uitvoert.

D02 – BASIS

De basis is de binnenste kwartcirkel en bevindt zich tussen de zuidelijke en westelijke randen van de tafel en niet verder dan die randen. De basis heeft een onzichtbaar plafond van 12 inch (~ 30,5 centimeter). De basis is alleen van belang bij het (her)starten van de robot.

basisD03 – ONDERDELEN

“Onderdelen” omvat alles dat jullie meenemen naar de wedstrijdtafel.

D04 – WEDSTRIJDVELD

Het “Wedstrijdveld” is de plaats waar de robotwedstrijd plaatsvindt. Het bestaat uit de LEGO modellen op een wedstrijdmat, omgeven door de randen van de wedstrijdtafel. Voor details, zie de Veldopbouw

D05 – ONDERBREKING

Wanneer jullie een autonome robot aanraken, is dat een “Onderbreking”. De robot is dan niet langer autonoom. De onderbroken robot mag niet meer bewegen of acties uitvoeren.

D06 – WEDSTRIJD

Met de “Wedstrijd” wordt bedoeld dat  twee teams op twee tegen elkaar geplaatste wedstrijdvelden spelen.

  1. Een wedstrijd duurt 2 minuten en 30 seconden.
  2. Jullie robot start vanuit de basis en probeert zoveel mogelijk missies op te lossen.
  3. Het wedstrijdveld wordt niet hersteld met als doel meerdere pogingen mogelijk te maken.
  4. Herstarten is toegestaan, maar de tijd loopt door.
D07 – MISSIE

Een “Missie” is een of meer opdrachten die punten waard zijn.

  1. Sommige moeten zichtbaar zijn aan het einde van de wedstrijd.
  2. Sommige moeten uitgevoerd worden op een specifieke manier en moeten door de scheidsrechter gezien zijn TERWIJL DIT GEBEURT.
D08 – MODEL 

Een “Model” (vaak een “Missiemodel” genoemd) is iedere LEGO constructie die aanwezig is op het wedstrijdveld wanneer jullie aankomen voor aanvang van de wedstrijd.

  1. Het is niet toegestaan om modellen uit elkaar te halen, ook niet tijdelijk.
  2. Als jullie een model aan iets bevestigen, moet deze bevestiging zo los zijn, dat wanneer er naar gevraagd wordt, jullie het model op kunnen pakken, zonder dat er iets aan vast blijft zitten.
D09 – STRAFPUNTEN

“Strafpunten” zijn minpunten op jullie score, die jullie krijgen als jullie een actie uitvoeren die weliswaar is toegestaan, maar ontmoedigd wordt. Strafpunten worden beschreven in de Missies, Er zijn twee soorten strafpunten:

  1. ONDERBREKINGSSTRAFPUNTEN – Toegekend voor het onderbreken van de robot terwijl deze zich niet volledig in “Safety” bevindt.
  2. ROMMELSTRAFPUNTEN – veroorzaakt …
    1. Onmiddellijk – Toegekend als de robot onderdelen achterlaat die zich niet volledig in “Safety” bevinden.
    2. Aan het einde van de wedstrijd – Toegekend voor ieder onderdeel dat zich volledig buiten “Safety” bevindt.
D10 – ROBOT

Een “Robot” is een LEGO MINDSTORMS controller en alle onderdelen die op dit moment hieraan bevestigd zijn.

D11 – “Safety”

“Safety” bestaat uit de basis en de buitenste zwarte ring op het wedstrijdveld. “Safety” heeft geen hoogtebeperking (plafond). 

safetyHARDWARE, SOFTWARE EN MENSEN 

R01 – ALLE HARDWARE

Alle hardware moeten door LEGO geproduceerde elementen in originele staat zijn. Uitzonderingen hierop zijn:

  1. LEGO touwtjes of buisjes mogen op lengte geknipt of gesneden worden.
  2. Aantekeningen op papier zijn toegestaan.
  3. Markeerstift mag alleen voor het identificeren van de robot op niet-zichtbare delen worden aangebracht.
R02 – CONTROLLERS

Er mag per wedstrijd slechts één controller gebruikt worden.

  1. De controller moet precies overeenkomen met een van de controllers zoals hieronder afgebeeld (met uitzondering van speciale edities met afwijkende kleuren).
  2. Alle andere controllers moeten in de Pit Area blijven tijdens de wedstrijd.
  3. Alle vormen van afstandsbediening en/of datacommunicatie met robots, inclusief Bluetooth, in het wedstrijdgedeelte zijn NIET toegestaan. 

controllers

R03 – MOTOREN 

Jullie mogen maximaal vier (4) individuele motoren tijdens één specifieke wedstrijd gebruiken.

  1. Elke gebruikte motor moet precies overeenkomen met een van de type motoren zoals hieronder afgebeeld.
  2. Jullie kunnen zelf bepalen hoeveel van welk type motor jullie gebruiken. Bijvoorbeeld 3 x EV3 “GROOT” + 1 x EV3 “MIDDEL” = 4 motoren totaal, dat is dus toegestaan.
  3. Alle andere motoren moeten in de Pit Area blijven tijdens de wedstrijd.

Voorbeeld: Wanneer jullie 3 motoren gemonteerd hebben op jullie robot, mogen jullie er nog maximaal 1 bij jullie hebben in het wedstrijdgedeelte.
Voorbeeld: Wanneer jullie 2 motoren gemonteerd hebben op jullie robot, mogen jullie er nog maximaal 2 bij jullie hebben in het wedstrijdgedeelte.

motoren

R04 – SENSOREN 

Het aantal sensoren dat gebruikt mag worden is vrij.

  1. Elke gebruikte sensor moet precies overeenkomen met een van de type sensoren zoals hieronder afgebeeld.
  2. Jullie mogen meerdere sensoren van hetzelfde type gebruiken.

sensoren

R05- OVERIGE ELEKTRISCHE ELEMENTEN 

Er zijn geen andere elektrische apparaten of materialen toegestaan bij de wedstrijdtafel. Uitzonderingen hierop zijn:

  1. LEGO snoeren en (converteer)kabels zijn toegestaan.
  2. Toegestane stroombronnen zijn: (1) robotaccu of (6) AA batterijen.
R06 – NIET-ELEKTRISCHE ELEMENTEN

Jullie mogen zoveel niet-elektrische LEGO onderdelen gebruiken als jullie willen. Uitzonderingen hierop zijn:

  1. In de fabriek gemaakte opwind- en terugtrek- “motoren” zijn niet toegestaan.
  2. Kopieën van missiemodellen zijn niet toegestaan.
R07 – SOFTWARE

De robot mag alleen geprogrammeerd worden met LEGO MINDSTORMS RCX, NXT, EV3 of RoboLab software (elke versie is toegestaan). Andere software is niet toegestaan. Patches, add-ons en nieuwe versies van de toegestane software van de makers (LEGO en National Instruments) zijn toegestaan. Tool kits, inclusief de LabVIEW tool kit, mogen niet gebruikt worden.

R08 – TECHNEUTEN
  1. Op elk moment tijdens de wedstrijdronde mogen er slechts twee teamleden (de “Techneuten”) direct aan de wedstrijdtafel staan. Uitzondering hierop is:
    1. In geval van noodreparaties mogen er tijdelijk meer teamleden helpen om de noodreparatie snel uit te voeren. Deze ‘extra’ teamleden moeten zich na de noodreparatie weer direct terugtrekken van de wedstrijdtafel.
  2. De rest van de teamleden moeten op de plek staan die door de organisatie wordt aangewezen, waarbij rekening wordt gehouden met nieuwe “Techneuten” die wisselen met de huidige “Techneuten” tijdens de wedstrijdronde.

WEDSTRIJD

R09 – VOORBEREIDING VOOR DE WEDSTRIJD

Wanneer jullie bij de wedstrijdtafel aankomen hebben jullie minimaal één minuut voorbereidingstijd. Gedurende deze tijd mogen jullie …

  1. De scheids vragen of de veldopbouw correct is.
  2. De licht- en kleursensoren kalibreren op een plek op het wedstrijdveld buiten “Safety”.
R10 – AFBLIJVEN

Wanneer iets op het wedstrijdveld zich niet compleet in “Safety” bevindt, mogen jullie het niet met de hand aanraken, behalve wanneer dit specifiek staat beschreven in de Missietekst, de Regels of op de Vraag & Antwoordpagina

R11 – WERKPLEK EN OPSLAG
  1. Op het wedstrijdveld: Het is toegestaan dat opgeslagen objecten uitsteken buiten de “Safety”, maar alleen in aangrenzende gebieden die niet van belang zijn en alleen wanneer dat geen strategisch voordeel biedt. 
  2. Buiten het wedstrijdveld: Het is NIET toegestaan om materialen op de grond te plaatsen.
R12 – STARTEN/HERSTARTEN

Een correcte start of herstart gaat als volgt:

  1. STARTOPSTELLING
    1. Jullie robot en alles gerelateerd aan de volgende autonome periode is klaargezet als gewenst en alles bevindt zich volledig in de BASIS.
    2. De scheidsrechter kan zien dat alles binnen de basis volledig stilstaat en jullie niets aanraken.
  2. MANIEREN OM DE ROBOT TE ACTIVEREN
    1. ACTIEF: Activeer, met één hand, de knop of een sensor om het programma te starten.
    2. PASSIEF: Doe niets en laat een lopend programma lopen.
      1. Speciaal geval: De start van de wedstrijd – In dit geval is het precieze startmoment het begin van het laatste woord van het aftellen. Bijvoorbeeld “3,2,1, LEGO”. Als het startsignaal een geluid is, dan telt het begin van dat geluid als het startmoment.
  3. De correct (her)startte robot is autonoom tot het moment dat jullie deze onderbreken.
  4. Alles dat de autonome robot volledig buiten “Safety” doet, blijft zoals het is.
    1. Uitzondering: De robot kan zelf eerder gedane acties veranderen.
  5. Het is niet toegestaan om iets te doen, te verplaatsen of zelfs uit te laten steken buiten de basis, behalve door het (her)starten van een autonome robot.
  6. Als jullie zelf per ongeluk iets naar buiten de basis verplaatsen, is het toegestaan om dit meteen terug te pakken, zonder dat jullie iets anders aan het veld veranderen.
R13 – ONDERBREKEN

Als jullie de robot ONDERBREKEN, moeten jullie de robot onmiddellijk stoppen en de robot rustig oppakken voor een herstart (als jullie dat willen). Hieronder staat beschreven wat er gebeurt met de robot en alles wat de robot aan het verplaatsen was, afhankelijk waar alles zich bevond op het moment van de onderbreking…

  1. ROBOT – volledig in “Safety”?
    1. Ja: Herstart.
    2. Nee: Herstart + onderbrekingsstrafpunt
  2. MODEL – volledig in “Safety”?
    1. Ja: Jullie mogen het model houden.
    2. Nee: Was het in het bezit van de robot tijdens de laatste (her)start?
      1. Ja: Jullie mogen het model houden.
      2. Nee: Geef het model aan de scheids, die het model van het wedstrijdveld zal verwijderen.

Versoepeling: Als jullie niet van plan zijn een herstart te maken, moet alles blijven staan hoe en waar het staat. Er wordt niets verplaatst en je ontvangt geen strafpunten. De wedstrijd wordt dan als beëindigd beschouwd. Gebruik deze versoepeling wanneer jullie robot klaar is met datgene dat jullie geprogrammeerd hebben, vooral wanneer de robot ‘op hol geslagen is’, vastzit, of de motoren aan het overbelasten is.

R14 – STRANDEN

Wanneer een NIET ONDERBROKEN¬ robot contact verliest met een voorwerp dat de robot aan het verplaatsen was, moet dat voorwerp eerst helemaal stil komen te liggen. Wanneer het voorwerp volledig stilligt, wordt hieronder beschreven wat er mee gebeurt, afhankelijk van waar op het wedstrijdveld het voorwerp zich bevindt:

  1. ONDERDEEL 
    1. Volledig in “Safety”: Jullie mogen het houden.
    2. Gedeeltelijk in “Safety”: Verplaats het volledig in “Safety”, jullie mogen het houden en krijgen een rommelstrafpunt (wordt direct door de scheidsrechter genoteerd).
    3. Volledig buiten “Safety”: Laat het liggen waar het is.
  2. MODEL
    1. Volledig in “Safety”: Jullie mogen het houden.
    2. Gedeeltelijk in “Safety”: Geef het aan de scheids, die het model van het wedstrijdveld zal verwijderen.
    3. Volledig buiten “Safety”: Laat het liggen waar het is.

Jullie mogen onderdelen van een duidelijk beschadigde robot te allen tijde van het wedstrijdveld pakken om de robot te herstellen, hiervoor worden geen strafpunten toegekend.

R15 – SCHADE AAN HET VELD

Wanneer een autonome robot een Dual Lock losmaakt of beschadigt, worden er geen punten toegekend aan de betreffende missie. Dit geldt ook voor missies die daar voordeel uithalen.

R16 – BEÏNVLOEDING
  1. Jullie robot mag geen enkel negatief effect hebben op de wedstrijd van een ander team, behalve als het beschreven staat in een missie.
  2. Missie(s) die door het andere team niet voldaan kunnen worden door (al dan niet per ongeluk) illegale acties van jullie of jullie robot, worden de punten voor deze missie(s) automatisch toegekend.
R17 – EINDE VAN DE WEDSTRIJD

Wanneer de wedstrijd afgelopen is, dient alles op het wedstrijdveld te blijven zoals het op het moment van het einde van de wedstrijd was.

  1. Stop de robot direct als deze nog in beweging is en laat hem staan op de plek waar hij zich op dat moment bevindt.
  2. Kom daarna nergens meer aan totdat de scheidsrechter met jullie gesproken heeft en de tafel vrijgegeven heeft om deze opnieuw op te bouwen.
R18 – SCOREN
  1. SCOREFORMULIER – De scheids neemt de wedstrijd met jullie door en inspecteert samen met jullie het wedstrijdveld, missie voor missie.
    1. Wanneer jullie het eens zijn met de scheids, ondertekenen jullie het scoreformulier en is de score definitief.
    2. Wanneer jullie het niet eens zijn met de scheids, dan kun je dit op een vriendelijke en respectvolle manier aan hem of haar laten weten. Scheidsrechters kunnen zich vergissen en als dit gebeurt, willen zij dat weten. Wanneer jullie er niet uitkomen met de scheidsrechter, zal de hoofdscheidsrechter een definitief besluit nemen.
  2. SCORE – Jullie BESTE score van de reguliere wedstrijdrondes telt mee voor de eindranking en de Robotprestatieprijs. Eventuele finaleronden zijn alleen ter vermaak en de score hiervan wordt niet meegenomen voor de Robotprestatieprijs.
  3. GELIJKSPEL – Bij gelijkspel wordt gekeken naar de 2e of 3e beste scores. Indien het zeldzame geval dat er een gelijkspel bestaat over alle wedstrijdrondes, zal de organisatie een besluit nemen wat er gebeurt.
GROTE BELANGRIJKE VERANDERINGEN VOOR 2015
  1. Aantal woorden is gereduceerd met ruim 60%
  2. Overgebleven regels/ideeën zijn vereenvoudigd en in sommige gevallen STERK gewijzigd – WAARSCHUWING voor ervaren teams.
  3. Vragen worden zoveel mogelijk regionaal beantwoord (via fll(at)techniekpromotie.nl). 
Wist je dat je zelf een vulkaanuitbarsting kunt maken?